Forum 2 juni 2012

Uitgangspunt van het IPB-beraad was de nota van minister Bourgeois over de toekomst van de parochiekerk. De inhoud van deze conceptnota werd toegelicht door Jan Jaspers, directeur van het expertisecentrum onroerend kerkelijk erfgoed van het CRKC. Daarna stelden medewerkers van elk bisdom kort voor hoe met deze nota gewerkt wordt en formuleerden de deelnemers bedenkingen en vragen.

Parochiekerkenplan
Einde 2011 keurde de Vlaamse regering de conceptnota van minister Bourgeois over de toekomst van de Vlaamse parochiekerk goed. Hierin wordt aan de gemeenten gevraagd om een langetermijnvisie voor de parochiekerken te ontwikkelen. Daartoe moeten de kerkfabrieken en centrale kerkbesturen van de 1850 parochiekerken voorstellen doen aan hun gemeentebestuur. De inhoud van die voorstellen hangt echter grotendeels af van het kerkelijk beleid met betrekking tot de territoriale pastoraal.
Jaspers stelde dat het maatschappelijk draagvlak van de Kerk nog vrij groot is. Lokaal zetten honderden vrijwilligers zich in, ook voor het kerkgebouw. Doordat het kostenplaatje echter oploopt en het aantal gebruikers van kerkgebouwen daalt, verkleint op sommige plaatsen het politieke draagvlak. De denkoefening die vandaag gevraagd wordt, moet uitmonden in een gemeentelijk meerjarenplan met de daaraan gekoppelde financiële middelen. Bourgeois zelf stelt dat de beste bestemming voor een kerk diegene is waarin de eredienst voorop staat. Maar voor de toekomst dienen medegebruik of nevengebruik en eventueel herbestemming overwogen te worden.
Momenteel zijn alle bisdommen bezig met een bevraging waarin zowel de toestand van het kerkgebouw als het gebruik ervan in kaart worden gebracht. Vooral het gebruik van een kerk en de levensvatbaarheid van de geloofsgemeenschap zullen doorwegen in het uittekenen van de toekomstvisie. Onderhandelingen met de gemeente moeten vertrekken vanuit en rekening houden met dit pastorale luik.

Voorstelling conceptnota Bourgeois en rol CRKC

 

Een veranderingsproces
Alle bisdommen werkten in de voorbije jaren al aan een herstructurering van de territoriale pastoraal. Het opstellen van een parochiekerkenplan werkt in dit verband als een katalysator en verplicht om werk te maken van verandering. De deadline in de nota Bourgeois is immers juni 2013. Verandering houdt een kans in tot vernieuwing maar vraagt veel moed.

Het bisdom Gent spreekt in zijn beleid over de ‘nieuwe parochie'. Het komt erop aan om samen te komen als geloofsgemeenschap. En die valt niet noodzakelijk samen met de wijk of gemeente. Een nieuwe parochie krijg je niet door enkele bestaande parochies samen te voegen. En ook niet door centralisatie met sluiting van de omliggende parochies. Een nieuwe parochie veronderstelt een keuze om gemeenschap te vormen rond Christus en zijn evangelie. Dat vraagt veel overleg op plaatselijk niveau en met de bredere omgeving. Mensen moeten loslaten en gaan door een rouwproces. Wie de bril van de nieuwe parochie opzet, ontdekt gaandeweg welke concrete stappen naar de toekomst gezet kunnen worden.

In het bisdom Brugge wil men het ‘leven' in kaart brengen om dan te beslissen welke gebouwen daarvoor nodig zijn. Een woning is immers een middel en geen doel op zich en de grootte ervan is afhankelijk van de gezinsgrootte. Alle parochies en federaties kregen daarom de taak om ‘het leven in hun parochie/federatie' in kaart te brengen en aan de hand daarvan na te denken over zinvolle pastorale eenheden. Door te inventariseren, komen mensen soms al tot nieuwe inzichten. Zo kan het heel confronterend zijn om de leeftijd van de verschillende verantwoordelijken in een parochie te noteren. Deze denkoefening wordt begeleid door medewerkers van het CCV. Parallel hiermee vullen de kerkraden de info-fiche van het CRKC in om een meerjarenplan op te stellen voor het kerkgebouw. Dit plan wordt aangepast of aangevuld aan de hand van de goedgekeurde voorstellen voor de pastorale eenheden.

Het vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen werkt met 3 krachtlijnen: evangelisatie, diaconie en kwaliteitsvolle eucharistie op zondag. Ook hier is de bestemming van kerkgebouwen een gevolg van pastorale keuzen. Het is duidelijk dat de situatie van de Kerk in de voorbije decennia ingrijpend veranderd is en dat de structuren niet mee geëvolueerd zijn. Regionale samenwerkingsverbanden binnen de dekenaten dringen zich op om te komen tot pastorale zones. Het resultaat van parochiaal overleg en van het overleg met de kerkfabrieken en de centrale besturen wordt verwerkt op dekenaal niveau. Elk dekenaat tekent hiermee een eigen project uit en legt dat voor aan de bisschop en zijn team. De timing die de nota Bourgeois oplegt is hierbij zeker een knelpunt. De gesprekken aan de basis en de verwerking ervan vragen voldoende tijd. Anderzijds is er op sommige plaatsen nogal wat druk vanuit de civiele overheid om beslissingen te nemen

In het bisdom Hasselt verscheen in 2010 al een Blikopener over de christelijke geloofsgemeenschappen in de toekomst. Een globale visie op de organisatie van de pastorale zorg in de toekomst vormt het vertrekpunt. Die visie bepaalt welke kerken gebruikt zullen worden waarvoor en dat is beslissend voor het opstellen van een parochiekerkenplan. Bij het gebruik van kerken werd gesproken over functie-inbreiding. Hiermee wordt bedoeld dat de kerk ook buiten de eucharistieviering door de geloofsgemeenschap kan gebruikt worden voor bijvoorbeeld catechesemomenten. Van functie-uitbreiding wordt gesproken in geval van medebestemming, wanneer er bijvoorbeeld een concert of tentoonstelling in de kerk plaatsvindt. De diocesane dienst parochieopbouw biedt op zijn website een aantal ondersteunende documenten aan voor de stappen die gezet moeten worden.

Het bisdom Antwerpen synthetiseerde de resultaten van de gespreksronden over de beleidstekst van de bisschop en schrijft op basis hiervan een visie. Die wordt in oktober voorgesteld bij de afsluiting van de jubileumperiode. In het kader van de nota Bourgeois ontvingen alle pastoraal verantwoordelijken, kerkfabrieken en gemeentebesturen een handleiding met een bevraging omtrent het kerkgebouw. Dat is een dubbelluik met vragen over het pastoraal gebruik van het kerkgebouw en over het gebouw zelf. De invullende instanties van beide luiken zullen met elkaar in gesprek moeten gaan alvorens naar het gemeentebestuur te stappen. Op sommige plaatsen is dat niet evident en is externe begeleiding vanuit het bisdom nodig. De nadruk ligt in dit bisdom op het goede gebruik van een kerkgebouw en dat kan in eerste instantie besproken worden los van de (re)organisatie van de territoriale pastoraal. Aan de hand van de beleidsvisie kan in een tweede tijd een bijsturing gebeuren indien nodig.

Gedragen door een visie en een visioen
Het was voor iedereen duidelijk dat de pastorale vernieuwing begint met de gemeenschappen en wat hun leven bevordert. Elk bisdom legt hierbij eigen accenten. Overleg op plaatselijk en regionaal niveau is belangrijk om het concrete leven van de lokale gemeenschappen en de visie van het beleid op elkaar af te stemmen. Dit proces komt nu noodgedwongen in een stroomversnelling door de vraag naar een kerkenplan. Het overleg met de kerkbesturen en de gemeenten is op verschillende manieren opgenomen in het tijdspad van de bisdommen. De afstemming tussen pastoraal beleid en kerkenplan wordt bij de enen doorlopend, bij de anderen vooral op het einde van het traject voorzien.
Structuren, en dus ook gebouwen, moeten aangepast worden aan de nieuwe situatie van de Kerk in Vlaanderen. Er is daarbij een gezond realisme nodig dat aantallen en leeftijden onder ogen durft zien. Anderzijds hebben we ook een visioen nodig om op een positieve manier om te gaan met verlies en verandering.

Een stem voor iedereen
panel_met_josian
De vragen die de IPB-leden daarna aan de sprekers stelden, gingen vooral over het kerkgebouw zelf en over de gesprekspartners op lokaal niveau. Mensen drukten hun zorg uit in verband met mede- en nevenbestemming van kerken. Welke grenzen stellen we? En wat met herbestemming? Ook werd aandacht gevraagd voor de herinrichting en architecturale aanpassingen die nodig zijn voor een kleinere groep gelovigen. Waar zit de expertise om de sacraliteit niet verloren te laten gaan?
Op heel wat plaatsen maken bewegingen en groepen gebruik van de kerk. Zo zijn er nogal wat scholen die de parochiekerk gebruiken voor hun vieringen. Er klonk bekommernis dat hun stem gehoord zou worden in het lokale overleg. Nu is dat meestal afhankelijk van relaties en toevallige contacten. Ook de jeugdbewegingen willen wel mee aan tafel uitgenodigd worden bij het gesprek. Hun lokalen zijn immers vaak parochiegebonden.
Sommige kerken functioneren ook als stilteplek of als devotiekerk. Hun bezoekers zijn meestal niet aanwezig op de overlegvergaderingen. Ze kiezen niet voor hoogdrempelige engagementen om hun geloof te beleven en zijn dus onzichtbaar voor een bepaalde manier van kijken. Hoe blijven we een Kerk, - en een kerk-, die openstaat voor iedereen?
In de marge werd ook aandacht gevraagd voor de bestemming van (leegstaande) pastorieën. Misschien kan de geloofsgemeenschap vragen om ze via een sociaal verhuurkantoor te laten bewonen of kunnen projecten voor kansarmen er een thuis vinden.
Met deze vragen en reacties liet het IPB zijn eigenheid ten volle zien. Het Forum verzamelt immers mensen uit het veld en uit het beleid, uit de territoriale en uit de categoriale pastoraal. En met die diversiteit konden we elkaar aanvullen en verbreedde onze blik op de geloofsgemeenschappen in de Vlaamse Kerk van de toekomst.